Ik en het klimmen

We praten regelmatig 'over' ons gevoel, maar daarmee leer je niet te luisteren naar je lijf naar je eigen gevoel. Hoe anders is dat wanneer je met z'n tweeën, in een vrijwel verlaten omgeving met weinig menselijke prikkels, samen aan een lange klimroute begint. Het begint al met op weg gaan, om bij de route te geraken, tijdens die aanloop word ik geconfronteerd met verschillende delen van mijzelf. Het vrije kind dat als het ware de berg op rent en niet kan wachten om te beginnen! De volwassene in mij die het gesprek aangaat over de juiste vaardigheden, risico inschatting, weer, tempo, materiaal, uitrusting. De ouder in mij, die vertrouwen heeft dat ik dit kan, die de kriebels in de buik ook voelt. 

Maar ook het kritische stuk in mij en de angst. Kan ik dit wel. Dan zie ik ineens die berg daar voor mij liggen, ruig, steil, ongenaakbaar. En vraag mijzelf af, kijkend naar de wand waardoor we weer naar beneden moeten en die er ondoenlijk uitziet, wat ik hier doe en of het niet beter is om er niet aan te beginnen. Om vervolgens diep in te ademen en mijzelf te voelen met alles wat er is en niet is, mij gedragen en gesteund te voelen en weer terug te komen bij mijn volwassen stuk, in het hier en nu, te blijven en uit te spreken: "Ik heb er vertrouwen in, ik kan dit, ik vertrouw op mijzelf en op mijn klimpartner. 

Ik vertrouw!"

Zou ik blijven hangen in mijn angst-stuk, dan zou ik omdraaien en niet eens aan de route beginnen. Het vraagt dus wat van mijzelf om hiermee om te gaan. We kennen allemaal een dergelijke dialoog die zich in ons afspeelt.

Wanneer ik dan eindelijk onder aan die route sta, stijgt de spanning opnieuw. En opnieuw loop ik datzelfde pad door mijn binnenwereld. Zodoende ga ik op pad en zet ik die eerste stap, omhoog. Wat er vóór mij ligt weet ik niet, ik kan alleen erop vertrouwen dat ik de bagage heb om deze tocht tot een goed einde te brengen, samen met mijn klimpartner. Ieder stap is een haarfijn balanceren op mijn grenzen, wat voelt goed, wat kan wel en wat niet, wat is spannend en vraagt om mijzelf toe te spreken. Mijzelf uitdagen. Wat is te spannend en vraagt om een stap terug te doen. Mijn grenzen overschrijden heeft consequenties, dat kan en mag niet. Ik ben zorgvuldig, heel zorgvuldig. En zo dans/klim/loop/wandel ik langs mijn grenzen. Respectvol, dankbaar!

Dit is mijn ingang! Mijn ingang naar voelen en opnieuw contact maken met mijn lijf in balans met mijn hoofd. Mijn reis om ook in het dagelijks leven mijn grenzen te respecteren. Hoe doe jij dat?

Neem contact op

Mirjam Jansens

mirjam@conglomiraat.nl

Harmelen, Utrecht

06 403 66 010